Mixin
Ik doe even een vette linkdump naar mixin.nl
Mixin punt nl.
Mixin.nl
Doe er uw voordeel mee.
De tandarts had verbouwd. Geen gebit dit keer maar de praktijk.
Alle jaren 70 kleuren waren vervangen door wit. Strak wit. En glas.
Het was licht.
Ik nam plaats in de wachtkamer die nu uitzicht bood op de receptie. Naast mij stond een bak met speelgoed. De tijdschriften, anders zo goed vertegenwoordigd, waren nog niet opgenomen in hun nieuwe wachtkamerplan.
Ik wachtte. Ik keek naar het speelgoed naast me. Ik pakte Pino uit de bak. Hij zat op een locomotief. Onbewust liet ik Pino een stukje rijden op het tafeltje naast me.
De receptioniste was uit het zicht verdwenen maar ze was buiten mijn beeld in gesprek met een andere vrouw. Ze had extra lange gordijnen nodig maar waar ze ook was geweest, ze hadden ze nergens. Er volgde een vraaggesprek waarin de ene vrouw allemaal zaken opnoemde waar je gordijnen kon kopen en waarin de andere vrouw op alles ontkennend antwoordde. Niet bij de Hema? Nee. En bij IKEA dan? Nee. Of bij de Praxis? Nee. Xenos heeft ook gordijnen? Nee. De telefoon ging maar de receptioniste was te laat met opnemen omdat ze nog niet bij de Kwantumhallen was geweest.
Ik werd langzaam een beetje gek van het gesprek en ik duwde Pino wat agressief te ver vooruit. Pino viel van tafel. Toen hij neerkwam, maakte hij een piepgeluidje.
De tandarts kwam mij halen. Terwijl ik hem complimenteerde met de nieuwe inrichting, zag ik aan de muur tegenover de receptie de rekken vol tijdschriften hangen.
Ik had een gaatje. Mijn gebit is zeer cari?sgevoelig, zei de tandarts. Ik poets, ik stok, ik flos alsof mijn leven ervan afhangt, maar het enige wat ik ervoor terugkrijg zijn gaatjes en rekeningen. Grom.
We moesten een afspraak maken om het gaatje te vullen.
"Dat kan morgen!" riep de assistent enthousiast. "Er heeft net iemand afgebeld!"
Morgen is vandaag.
Sjemig, de oude rot Francisco van Jole is weer begonnen met 2525.
Gaat dat zien.
Ben benieuwd of hij het volhoudt en of hij weer mooie foto'tjes van Rotterdam gaat plaatsen.
De Londonse log?e's H. en J. herwonnen hun zelfvertrouwen en besloten een fiets te huren voor het hele weekend. Ze zouden eerst oefenen in een doodlopend straatje en daarna zonder schroom aan het verkeer gaan deelnemen.
Na een ochtend trappen en uitwijken ging het heel goed, zeiden ze. Mooi, zei ik, dan fietsen we nu gezamenlijk naar het restaurant aan de andere kant van de stad.
Ik ging voorop. Ik nam aan dat ze niet zo snel gingen, dus ik verminderde mijn gewoonlijke snelheid met 50%. Ik fietste een stukje op deze manier tot ik in de verte een groen stoplicht zag. Even omkijken of zij het zouden halen.
Ik zag geen H. en J.. Wel zag ik andere mensen langs mij schieten, zich afvragend waarom ik zo langzaam ging. Op een stuk van 200 meter waren H. en J. al zo ver achterop gekomen dat ik ze niet meteen kon zien.
Ik stopte en wachtte. Not so fast, riepen de dames lachend toen ze mij zagen. Dus toen het stoplicht weer op groen ging, gingen we met de snelheid van een slak het drukke kruispunt over.
Achter mij hoorde ik het kettingslot van H. steeds tegen haar spatbord komen. Ze wiebelde. Had moeite haar fiets in evenwicht te houden. Toen ik omkeek, zag ik haar geconcentreerd naar het wegdek kijken. Haar blik gericht op haar voorwiel, zich niet bewust van alles wat er om haar heen gebeurde. Panische blik in haar ogen.
Inmiddels fietste ik zo langzaam dat ik ook moeite had mijn fiets in evenwicht te houden. Ik spoorde de dames aan iets harder te gaan rijden. Fine, zeiden zij. En inderdaad, dat ging redelijk fine. Totdat ik weer omkeek en H. heel nonchalant wilde doen door haar blik van haar voorwiel af te halen en vriendelijk naar mij te lachen. Met deze beweging raakte zij uit balans en haar voorwiel schampte de stoeprand. Ze schrok en stond binnen een seconde naast haar fiets op het fietspad. Daardoor botste J. tegen H. aan. Een stukje plastic van het achterlicht kwam op straat terecht. Een passerende fietser rinkelde boos zijn bel.
We waren nog maar halverwege onze rit naar het restaurant.
Nog een aantal keren moesten we stoppen. We kropen vooruit. Heel langzaam bereikten we ons doel. Het laatste stuk, met enge tramrails, liepen we.
Toen we de fietsen op slot zetten, was ik kapot.
Maar J. en H. hadden nog nooit zoiets leuks gedaan! Dit was echt geweldig, zeiden ze, fietsen als echte Amsterdammers door de stad! Zelfs de zadelpijn van de dag erna vonden ze het waard.
Toen ik ze net vroeg wat het leukste was aan hun trip to Amsterdam, was het zonder twijfel de vrijheid van de fiets.
Ik was gisteren getuige van het eerste publieke optreden van Walter van den Berg (www.vandenb.com, dus). Hij werd ge?nterviewd door Matthijs van Nieuwkerk in de Schrijverstent op de UITmarkt op het Museumplein. Samen met hem mochten Liesbeth Mende, Aleid Truijens, Wouter van Oorschot en Florette Dijkstra het verhaal van hun eerste boek vertellen.
Het was druk in de tent. Blijkbaar hebben debuterende schrijvers veel vrienden of is literatuur tegenwoordig populair.
Matthijs van Nieuwkerk (zie moose voor een mooie portrettengallerij) deed het zoals altijd leuk maar liet het gesprek zodanig uitlopen dat het programma buiten op het plein alweer begon toen de schrijvers nog moesten voorlezen.
Zo kwam het dat Walter onder luid tromgeroffel van een enorme Tibetaanse drumband buiten op het plein een passage uit zijn boek begon voor te lezen.
Het had gemakkelijk desastreus kunnen aflopen. We zouden geen woord kunnen hebben verstaan, we zouden niet geweten hebben waar Walters boek over ging, we zouden de rest van het publiek hebben zien weglopen omdat ze liever gingen kijken naar waar het tromgeroffel vandaan kwam.
Zo ging het niet.
Walter sprak. En overwon.
Hoe meer zinnen Walter voorlas, hoe meer mensen begonnen te lachen. Een vrouw voor mij veegde de lachtranen uit haar ogen weg. Matthijs van Nieuwkerk begon aanstekelijk te grinniken. Hans Teeuwen, in de hoek bij de bobo's, en ook Joost Zwagerman, vonden zichzelf even minder belangrijk en keken geamuseerd naar die lange jongen met zijn laptop op het podium.
Toen Walter zijn laatste zin had uitgesproken stopten de trommels. Hoewel de Tibetanen niet wisten wat er zich in de overdekte Schrijverstent afspeelde, was het een teken van diep respect.
Dat boek, dat wordt het.
Ik was apetrots op de jongen die ik 3,5 jaar geleden leerde kennen.
Walter van den Berg - De Hondenkoning is over een maand te koop in elke boekwinkel bij u in de buurt.

Ik heb bezoek van J. en H. uit London. Ze kwamen aan door gewoon de regen te volgen en compleet doorweekt stonden ze gisteren op mijn deurmat. Gelukkig zijn ze in London wel iets gewend, alleen zingt Heather Nova daar mooie liedjes over dat niets zo heelt als Londonse regen, terwijl de Amsterdamse regen dergelijke kwaliteiten niet kent. Ik heb ze in ieder geval nog niet ontdekt.*
We aten uit. We wenten naar een kleine plaats dichtbij. We hadden avondeten en dronken wijn. We praatten over verleden tijden en over nieuwe plannen.
Toen kregen we de bil, euh check.
Bij de rekening zaten salmiaklollies.
Niet te beroerd iets nieuws te proberen, namen ze er allebei eentje.
"This is really nice", zei J. Ik waarschuwde haar voor het moment dat de salmiak uit de lollie zou komen drijven. Ze wilde niet luisteren, nice and creamy, zei ze. Smikkel smakkel.
Ik kende het woord voor salmiak niet in het Engels, dus zei ik salty liquorice. De Engelse dames keken me vreemd aan. All Sorts Salt?
Waarschijnlijk vermoedden ze dat ik mijn talen door elkaar haalde, dus sabbelden ze rustig voort.
Ineens sprong J. op en gilde het uit.
Er zit iets in mijn lollie!, gilde ze (in het Engels, duh). Getverdemme! Dit is vies! Bah! Het druipt eruit!
Ze stond op haar stoel alsof er een muis onder de tafel liep. Toen gooide ze de lollie weg in haar lege wijnglas.
Getverdemme, zei ze, dat was echt heel vies.
Ik at intussen lekker mijn salmiaklollie en zoog met flinke kracht de zoute drap uit het harde omhulsel.
H. sabbelde vlijtig voort terwijl J. haar mond spoelde met water.
Ik wist echter dat H. nog niet was aangekomen op het punt dat het zout uit de lollie zou komen. Het was slechts een kwestie van tijd.
Een aantal minuten later lagen er in het wijnglas van J. twee lollies op elkaar.
Ik had twee vies kijkende Engelse kennissen tegenover me aan tafel.
Toen ik ze later op de avond een stroopwafel wilde laten proeven, bedankten ze beleefd.
* het valt allemaal mee. Heather Nova, hoor ik net nu ik het nummer goed beluister, zingt alleen maar dat niets kan vallen als Londonse regen en dat er een (man?)mensch is die beter heelt dan wie dan ook. Amsterdamse regen kan ook erg goed vallen.
Sorry, ik ga u even als vraagbaak gebruiken.
Soms haat ik mijn katten.
Gisteren kreeg ik een onverwacht presentje. Twintig rozen in verschillende kleuren. Erg mooi en erg welkom!
Ik zette de rozen in een vaas op tafel.
Toen ik vanochtend wakker werd, lag de vaas om, was een van de rozen compleet vernietigd en lag er over een deel van de tafel een enorme plas water.
Die tafel is antiek. Hij heeft emotionele waarde.
Ik vrees dat de katten al heel vroeg in de nacht de vaas om hebben gegooid. In ieder geval is het water van de vaas compleet in mijn tafel getrokken. In plaats van bruin is hij op sommige plaatsen roze. Ook het water dat op de vloer gelekt is, heeft mijn parket aangetast.
Nu is mijn vraag: wat kan ik doen om dit eventueel te herstellen? Is er uberhaupt nog iets aan te doen?
Als ik op Google zoek op tafel + nat, krijg ik alleen maar sexverhalen.
Ronja en Maus bungelen inmiddels aan hun achterpootjes aan het plafond.
Sinds gisterenmiddag/avond ben ik mobielloos. Gedwongen, want een of andere onverlaat heeft hem gestolen. Dit was mij in al die jaren nog nooit overkomen.
Eerst wilde ik het niet geloven. En vooral ook de mannen van het caf? niet, waar ik zat met vriendin J. Dus dacht ik dat ik, toch wat verstrooid de laatste dagen, de telefoon vast gewoon thuis had laten liggen.
Eerst ging ik nog naar een leuk feestje en toen ik thuiskwam trof ik geen mobiele telefoon. Snel gebeld met de klantenservice om de telefoon te blokkeren. Maar zoals de meneer van T-Mobile al zei: wellicht heeft de dief nu al vier uur lang op jouw kosten lopen bellen. Zal je net zien dat hij vrienden heeft in Qatar of Guam. Grom.
Eigenlijk is het best rustig, zo zonder mobiel. Ik moet de komende dagen echter toevallig wel goed bereikbaar zijn, dus erg praktisch is het niet. Maar T-Mobile stuurt mij een nieuwe SIM kaart en die heb ik over een aantal werkdagen binnen. Geen probleem.
Er zijn twee erge dingen.
Ding 1: mijn smsjes, gespaard vanaf
1999, zijn weg. Alle hoogtepunten en dieptepunten nam ik al vijf jaar
mee op mijn SIMkaart. In ??n klap is alles weggeveegd (wat ook
tegelijkertijd een schone lei betekent, wat dan best positief kan zijn).
Ding 2: het was niet mijn toestel. Dat is heel erg vervelend. Dus als iemand nog een 6310i overheeft? :-)

En ik zit al weken in een huis met de kleuren van FC Barcelona weerspiegeld op mijn plafond.
Of HFC Haarlem.
Oke, nog even over de Spelen.
Ik zag een meisje dat qua postuur niet ouder kon zijn dan een jaar of tien. Ze kwam uit China en stond klaar voor haar turnoefening op de grond.
De band met klassieke muziek werd ingezet waarop het meisje direct begon te bewegen.
Ze boog haar lichaam in alle mogelijke hoeken. Toen ze daarmee klaar was, maakte ze een salto. En nog een. En nog een.
Ze deed iets wat de commentator een dubbele flip salto flop met halve schroef noemde (of iets dergelijks).
Al die tijd keek ik met een mengeling van angst en bewondering naar dit piepkleine meisje. Ik wilde voor haar maar ??n ding: dat ze zou winnen.
Oi oi oi, riep de commentator, wat geweldig! De beste oefening tot nu toe!
Dat ging dus goed.
Het meisje zette aan voor de grande finale van haar oefening. Ze liep naar de uiterste hoek van de mat, nam een aanloop, zweefde minstens net zo hoog boven de grond als zij zelf lang was, draaide geheel gestrekt een rondje om haar eigen as, tuimelde nog wat tierelantijntjes erachter aan en landde vervolgens keurig netjes in de andere uiterste hoek van de mat.
Ik hield mijn adem in. Dit moest wel goud zijn.
De commentator riep dat er een rode vlag omhoog was gegaan.
In de herhaling zagen we hoe het voetje van de jonge Chinese een stukje over de lijn was gekomen. Dat voetje was niet langer dan een maat of 30 en het stuk dat erover heen kwam kon niet langer zijn dan mijn teen.
Alle hoop op een medaille was vergeven.
Wat jammer van zo'n ongelooflijke fout, zei de commentator.
Ik kon alleen maar denken: als een aantal centimeter na zo'n mooie oefening je kans op slagen zo be?nvloedt, wat een rotleven heb je dan.
Ik zat op de bank aan mijn thee te nippen en de Olympische Spelen te bekijken. Ik zag vrouwen rennen, mannen werpen, shuttels vliegen, balletjes kaatsen, knuppels ketsen, paarden springen, spanen roeien, fietsers fietsen, nu ja, u begrijpt wel wat ik bedoel.
Ik zat eigenlijk niet eens, ik lag. Een beetje onderuitgezakt.
Af en toe kwam ik even omhoog als het spannend werd.
Om vervolgens weer in mijn relaxte houding terug te keren.
Ik peuterde wat in mijn neus.
Ik aaide de kat die naast me lag.
Ik tandenstookte mijn tanden.
Maar toen gebeurde het.
Terwijl de Japanse renster Noguchi in de marathon de 39 kilometergrens passeerde, zag ik mezelf van een afstandje zitten.
Wat was ik voor lui varken om al die sport zo passief te consumeren? Deze sporters hadden vier jaar lang getraind en ik lag hier ongeinteresseerd te hangen!
Ik stond op.
Rennen moest ik! Mee met de marathon. Een einde maken aan deze lethargie!
Ik rende. Terwijl ik televisie keek.
Ik keek op de klok. Ik bleef in beweging. Ik veegde het zweet dat zo snel op was komen zetten van mijn voorhoofd.
Na een tijdje voelde ik mijn knie?n protesteren. Mijn kuiten deden pijn. Maar ik gaf niet op! Ik voelde me ??n met de sporters!
De Japanse kwam het stadion binnengerend. Ik rende mee. Duizenden mensen zaten op de tribune en moedigden mij aan. Vlaggen in allerlei kleuren zwaaiden me tegemoet.
Ik moest nog maar even. De finish was in zicht.
Ik won goud!
Hier had ik het voor gedaan!
Met knikkende knie?n struikelde ik over de finish.
Het werd zwart voor mijn ogen en ik viel.
Toen ik bijkwam, was het acht uur journaal al begonnen.
Mijn favoriete liedje van het moment:
Scissor Sisters - Take your Mama out
Woe!
Het was drie uur 's nachts. Ik liep niet helemaal meer recht. We liepen speciaal langs de bakker waarvan ik wist dat hij nog wel eens 's nachts broden illegaal aan caf?bezoekers verkocht. We klopten op het raam en zagen het schijnsel van het licht van de bakkerij erachter, maar niemand deed open.
Jammer. De geur van gebakken brood was overal te ruiken.
Op de Albert Cuyp ging een achterdeurtje open. Er kwam een man uit met een fiets. Achter hem zat een bakkerij waar in volle gang door mannen met witte pakken gewerkt werd. De man zag mij kijken en wenkte me.
We liepen naar binnen. De TL verlichting was onprettig. Een van de buizen was kapot. Er stond een grote man met wit haar voor ons. Hij had een misvorming aan zijn gezicht. Hij was enorm. De deur achter ons viel in het slot. De albino negeerde ons.
Zo stonden we een aantal minuten. De albino toetste wat knopjes in op de enorme ovens waarin broden lagen te bakken.
Plotseling draaide hij zich om.
Wat willen jullie, vroeg hij zonder woorden. Hij knikte alleen kort met zijn hoofd.
Ik vroeg om een zoveelzadenbrood.
Hij liep weg naar achter en kwam weer terug. In zijn hand had hij een brood dat schril afstak bij de grootte van zijn kolenschoppen.
Ja, knikte ik.
Hij wierp het brood door de machine. Ik zei nog twee muesli-bollen voor onderweg. De albino gooide de muesli-bollen op het brood. Hij keek me aan. We wisten allebei dat we bezig waren met een deal.
Ik pakte mijn portemonnee en haalde er een 5-je uit.
Inderdaad, 5 euro, zei hij. Hij keek als een gangster. Het was het eerste wat hij had gezegd.
Ik vroeg me geen seconde af of ik zou gaan debatteren over deze belachelijke prijs.
Deze man zou mij in ??n klap knock out kunnen slaan. Zij waren in de meerderheid.
Ik betaalde braaf.
Hij liet ons naar buiten.
Het is tijd om te ontbijten.
Eerst naar de film, dan eten, dat is mijn devies. Voordeel is dat je de vroege avondfilm hebt (fijner publiek) en meer rust in het restaurant erna, en in ieder geval een onderwerp om over te praten tijdens het eten (de film).
:-)
Ik had vriend J. van mijn devies kunnen overtuigen. Ik vrees alleen dat hij deze actie nooit meer zal herhalen, want we gingen naar Super Size Me. We keken anderhalf uur lang naar een man die alleen maar McDonald's tot zich nam. En terwijl hij van zijn maaltijd moest kokhalzen, begonnen onze magen langzaam te knorren.
Tegelijkertijd werd ik misselijk van alle fastfood en het steeds ongezonder uitziende lichaam van Morgan Spurlock. Mijn lichaam kreeg daarom verwarrende signalen door. Maar goed: ik zag eten, dus ik wilde eten. Soms verdreef de honger de misselijkheid, soms was het andersom. Ik raakte een beetje verslapt.
De documentaire deed me denken aan Fahrenheit 9/11, omdat ze beiden weinig objectief en veel populair gemaakt zijn. Propaganda voor de welwillenden. Maar net als 9/11 vond ik Super Size Me vermakelijk en zette hij me ook wel aan het denken.
Toen we buitenkwamen, telden we de fastfoodrestaurants in de Reguliersbreestraat. Het waren er 7, met de falafelbars meegerekend. We twijfelden nog even over een Big Mac menu, maar die twijfel was snel verdwenen.
Even later zat ik een aan qua calorie?n zeer verantwoorde gegrilde tonijn met een salade in restaurant Harkema.
De frieten liet ik staan.
Er is geen volk zo lief voor elkaar als het weblogvolk.
Heden, om 19:55 uur vanavond, kwam een speciaal voor deze missie ingehuurde koerier mij een pakje brengen.
Het betrof een nieuwe Visch voor de poezenbeesten!
Woeha!
Het kan ook zijn dat het aan de naam ligt, want de gulle geefster was Merel van www.muffie.nl
De koerier, die volgens eigen zeggen geen eigen wil heeft als Merel in de buurt is, was Jasper van het illustere duo www.olafenjasper.nl
Dank dank!
De katten waren dolenthousiast en stonden alweer op het punt de vis van haar vinnen te ontdoen. Gelukkig kon ik nog net een foto maken :-)

De eerste dagen dat ik op vakantie was (jemig, wat lijkt dat lang geleden, sob sob), had ik last van verschrikkelijke hoofdpijn. Meestal stond ik fris en fruitig op maar begon de pijn zich zo rond de middag in mijn hoofd vast te zetten. Na een aantal uur keek ik tamelijk scheel en wilde ik mijn hoofd liever niet meer bewegen.
Ik kwam er al snel achter wat de oorzaak van mijn hoofdpijn was.
Het gebrek aan koffie.
Alsof koffie het nieuwe medicijn was, verdween mijn koppijn zodra ik de zoete smaak van caffeine door mijn bloed voelde stromen.
Sinds ik thuis een Senseo apparatus heb, maak ik veel vaker koffie dan ervoor. Ook op werk kom ik de ochtend niet door zonder.
Ik moet het maar niet meer ontkennen. Hallo, ik ben Merel, koffieverslaafde.
Maar nu lees ik op Teletekst dat hoofdpijn juist kan worden veroorzaakt door het drinken van - jawel - koffie (en cola, en thee, en het nemen van pijnstillers).
Dus heb ik waarschijnlijk altijd hoofdpijn, of ik nou koffie drink of niet.
Maar dat is het m nu juist: ik heb bijna nooit hoofdpijn.
En nu ben ik de draad kwijt.
Ik keek naar de Olympische Spelen. Het was een echte topdag. Er was tafeltennis, badminton en judo. Later kwam er nog honkbal maar dat heb ik niet gezien.
Tafeltennis, badminton en judo.
Ik begon te denken dat de Olympische Spelen alleen bestonden bij de gratie van sporten die nog niet op televisie geaccepteerd zijn. De klacht dat Studio Sport gedurende het seizoen alleen maar voetbal uitzendt, is gegrond, maar toen ik tafeltennis, badminton en judo zag snapte ik ook wel waarom.
Judo. Er stonden twee vrouwen op de mat. Ze hadden een pak aan dat binnen een aantal seconden al loszat. Waarom maken ze niet een pak dat wat beter vast blijft zitten, dacht ik nog. De vrouwen stonden tegenover elkaar alsof ze in conclaaf waren. Maar de commentator werd enthousiast. Fantastisch, riep hij. Ineens schopte een van de vrouwen de ander. Toen gingen ze weer rechtop staan en daarna gingen ze weer met elkaar in conclaaf.
Ik was voor de Nederlandse. Ik ben altijd voor de Nederlanders, ook al zijn ze nog zo stom. Dat is opvallend maar ik weet niet anders, dus ik vind het niet meer dan normaal. Plotseling gooide de Nederlandse de Francaise met haar heup woepa op de grond. Buiten de lijnen, buiten de mat. Ik dacht: daar krijgt ze boel strafpunten voor. Maar het betekende een bronzen medaille.
Toen kwam het allerbeste moment van de wedstrijd: Deborah Gravenstijn was zo blij dat ze als een gek begon te springen.
Ze lachte, haar armen uitgestrekt in de lucht, springend.
Waaah!, zeiden haar ogen.
Ik zat op de bank en ik genoot.
De regen komt gestaag naar beneden. De toren in de verte is in nevelen gehuld. Ik ben al 30 uur thuis zonder mijn huis te verlaten. Ik ben gisteren twee keer gebeld en heb verder niemand gesproken. Slechts een aantal mailtjes verstuurd. Had gisteren wel gedoucht, maar liep de hele dag rond in joggingbroek. Ik had een dode lijn vandaag. Vanochtend ging de wekker extra vroeg. Na een nacht vol dromen over terreurdreiging, niet werkende alarminstallaties, bommen en granaten. Ik zit gapend achter mijn computer en krab mij op het hoofd. Nu is de klus geklaard en mag ik even pauze. Misschien dat ik mijn eerste blik op de Olympische Spelen werp, want die schijnen begonnen te zijn. We hebben zelfs al medailles. Maar vooralsnog stelt het, geloof ik, teleur. Af en toe kijk ik even op Teletekst. Over 3 uur heb ik een afspraak buiten de deur. In dit tempo mag ik me wel eens gaan haasten. Misschien is koffie een goed idee. Iemand draait harde opera op de vroege ochtend. De regen dempt het geluid. De schilders zijn bij de buren. Ik moet mijn huis opruimen. Misschien even langs het oudpapier. Beneden roept een vrouw naar iemand anders instructies door. Ze slaat met een portier. Maar goed. Koffie, dat lijkt mij een goed idee.
Ik word altijd een beetje contactgestoord als ik lange tijd geconcentreerd aan iets heb gewerkt zonder andere mensen te spreken.
Ohja! Ik wist dat er iets was!
Ik zat gisteren met enkele gelijkgestemden bij restaurant Lancelot op het terras toen Low (gelukkig bijzonder alive and kicking 'na' zijn Guillain-Barr? ervaring) het ineens had over Landjeveroveren.
Landjeveroveren, dat deed ik vroeger ook altijd!
Ik werd meteen enthousiast, het was een van mijn favoriete buitenspelletjes. Sommigen van de gelijkgestemden aan tafel knikten vol herkenning, anderen wisten niet waar we het over hadden en noemden ons nazi's (in sommige gevallen).
Landjeveroveren... Het was iets met een rondje krijten op de stoep, waaruit verschillende partjes (landjes) werden genomen, en iets met een steentje, en iets met de afstand lopen van je maximale reikwijdte. En stappen. Ofzo.
(Overigens is het apart. Op het moment dat ik ga zoeken naar landjeveroveren op Google, kom ik uit bij een comment op, jawel, merelroze.com, tja)
Geen van ons kon een coherent verhaal maken van de spelregels van toen. Dat was jammer want ik zou het zo op het terras hebben gespeeld.

Dat ene met die lege inkcartridges snap ik nooit zo goed. Er is iets mee, maar ik weet niet precies wat.
Ik weet dat Stichting AAP inkcartridges verzamelt. Die hebben leuke zakjes en daar moet je het patroon indoen en opsturen naar Stichting Aap. Dat snap ik nog een beetje. Want ik ben een brave burger en dat doe ik zonder probleem.
Maar! Met het insturen van die cartridges kun je de apen van Stichting AAP helpen, geloof ik. Daar raak ik de weg volkomen kwijt. Hoe kunnen die apen nou blij worden van mijn - ook nog lege - inkthouder? Gebruiken ze die bij het speciale cartridges-apenspel dat onder apen net zo belangrijk is als onze Champions League?
Vraagtekens. Wat doet iemand in het geval van vraagtekens? Dan zoekt men op Google (.nl, want ik wil weten wat ik er in NL aan heb). Google vindt niet zoveel voor mijn lege inkcartridges. Zou het in het Nederlands inktcartridges zijn? Wel vindt hij een pagina waar staat dat ik *heel erg rijk* kan worden omdat er bedrijven zijn die mij veel geld willen bieden voor mijn lege inkcartridges.
Daar houdt mijn verstandelijk vermogen op.
Heel erg rijk?
Van lege inktpatronen?
Misschien moest ik maar onwetend blijven.
Zal ik de mijne maar gewoon in de prullenbak werpen of zijn ze slecht voor het milieu?
Het was een leuke dag. Ik zoefde vrolijk de Amsterdamse bruggen op en af, de adrenaline gierde door mijn lichaam. Hoera!
Niet dat er speciaal iets leuks gebeurd was, of dat ik reden had om zo blij te zijn, maar het was gewoon zo. Ik was omgekeerd ongesteld.
Ik haalde mijn iPod uit mijn tas en twijfelde over welk nummer ik zou opzetten bij zoveel plezier. Ik ging als een speer langs alle titels maar vond niets wat meteen mijn plezier zou vergroten. Intussen vloog de adrenaline nog steeds in de rondte.
Ik besloot de iPod zelf te laten kiezen. Ik zette het ding op random en klikte op play.
Op slag werd ik tamelijk verdrietig. Mijn iPod koos het gedicht van W.H. Auden, zoals voorgedragen in Four Weddings and a Funeral door John Hannah.
Stop all the clocks.
Cut off the telephone.
Prevent the dog from barking with a juicy bone.
Slik.
Nu maar hopen dat mijn iPod niet bezeten is door een of ander voorspellend ruimtewezen.
Toen de regen nog niet was gevallen zaten er drie dikke dames op de stoep voor de islamitische slagerij. Ze waren de echtgenoten van de mannen van de slagerij en ze wapperden met folders lucht over hun bezwete gezichten. Sloom en warm.
Ze waren gekleed in westerse stijl. Dikke knie?n bloot, dikke armen bloot. En maar wapperen. Hun zwarte haar plakte aan hun voorhoofd vast.
Ze waren in gesprek met een vrouw die net haar boodschappen in de slagerij had gedaan. Deze vrouw droeg een hoofddoekje en was gekleed in een lang gewaad. Zowel haar benen als haar armen waren bedekt.
"Heb je het niet verschrikkelijk warm?", vroegen de vrouwen. "Trek toch iets uit! Dit is ondraaglijk!", zeiden ze.
De vrouw lachte. Warm, warm, zei ze, dat valt best mee. Bovendien droeg ze wit en de vrouwen droegen zwart. Dat was pas dom, zei ze. En linnen. Linnen was een stuk beter dan die plastic kleren die de vrouwen droegen.
De vrouwen keken elkaar aan. Mmm, zeiden ze.
"Gekke Fatma", zei ??n van hen. "Je moet geen onzin praten!"
Het is feest in huize Roze! Ronja en Maus zijn vandaag maar liefst 1 (??n) jaar oud geworden!
Hoera! Hoera!
Ze zijn boel oud geworden in een jaar tijd en bovendien heel groot. Vroeger pasten ze nog gemakkelijk in de kast met de laatjes.



Na een jaar is er al behoorlijk veel duidelijk over het karakter van de beide zusjes. Ik stel ze even voor.
Maus, a.k.a. de Mausert, of Mauskriebelaanjekraus,

Ronja, a.k.a. het Slettebakje, of Ronjapoepaanjesnonja,

Het is echt zo verschrikkelijk Nederlands om eerst te klagen over het slechte weer en dan nu, nu we officieel sinds 12.54 uur vandaag een hittegolf hebben, over het goede weer.
Heerlijk! Ik doe het ook.
POEH HEE! Wat is het warm! Veel te!
W a t i s h e t v e r s c h r i k k e l i j k w a r m!
Er is maar ??n oplossing: naar de bioscoop met airco.
Dus moeten we naar Path?.
Dus hebben we de keuze tussen:
1. Fahrenheit 9/11
2. I, Robot
3. The Butterfly Effect
Ik kan al moeilijk keuzes maken maar met mijn hoofd als een snelkookpan al helemaal niet.
Volgens de IMDB moet ik naar Fahrenheit 9/11, want die krijgt de hoogste waardering.
(Overigens blijft de IMDB zo'n waanzinnig briljante site... Timmie TV linkte eerder al naar een leuk artikel).
Wat vindt u?
Naast me op het terras zaten een oudere vrouw en een man die waarschijnlijk haar zoon was - maar bij nader inzien kon het ook haar kleinzoon zijn. Hij wiegde met zijn linkervoet zachtjes een kinderwagen waarin een pasgeboren baby lag.
Ik zat een beetje gedraaid van hen af maar was nieuwsgierig geworden door hun gesprek. Zonder mij helemaal om te draaien kon ik alleen de voet zien van de vrouw. Aan haar gerimpelde voet te zien was zij inderdaad heel oud, wat ik al aan haar stem gedacht had te kunnen horen. De rimpels op een voet zijn niet zoals de ringen op een boom maar ik schatte de vrouw in ieder geval een jaar of 85.
Even ervoor had zij deze woorden gesproken:
'Hij is lief, hij is slim, hij behandelt me als vrouw. Hij is jong en energiek en neemt me mee naar mooie dingen.
Ik wil echt nooit meer van mijn leven nog een andere man!'
Amerikaanse toeriste naast me: 'and they're all gay!'
* de Fransen betalen wel in euro's maar gebruiken echt nog overal aanduidingen in francs
* Buckler (bier) is in Frankrijk populair
* Het wantrouwen jegens de Engelse taal wordt steeds minder. Mensen van onze leeftijd en jonger willen zelfs vaak graag Engels praten om te oefenen (terwijl ik mijn Frans wil oefenen). Kan ook liggen aan de streek waar ik was. Normandi? en Bretagne zijn natuurlijk erg Engels.
* Op werkelijk elke kruising van wegen is een rotonde gemaakt, soms wel twee op honderd meter van elkaar. De Fransman weigert echter zijn clignoteur aan te zetten als hij de rotonde verlaat, wat uitermate vervelend is.
* Wat is het verschil tussen AUTRES DIRECTIONS en TOUTES DIRECTIONS?
* Elke supermarkt en elke bakker verkoopt tegenwoordig, hoera hoera, pain aux cereales of ander volkorenachtig brood. Leve de granen! Het stokbrood aten wij maar zelden.
* Door Azerty toetsenborden leer je dat je eigenlijk ontzettend goed blind kunt typen.
* De commerci?le globalisatie zet nu echt door. Elke willekeurige stad in Frankrijk heeft precies dezelfde winkels als elke willekeurige stad in Nederland.
* Het roken van de Fransen is niet verminderd. Ook zij zijn verplicht om gebouwen rookvrij te maken maar gelukkig hebben de Fransen hun auto nog. Raampjes dicht en paffen maar. Ook tijdens de afwas is het een veelgebezigde activiteit. Daar de vingers nat zijn, kan de sigaret niet uit de mond genomen worden, maar dat hoeft na oefening geen probleem te zijn.
* De Fransen zijn erg goed in het bouwen van enorme dingen. Zo wil ik binnenkort naar het viaduct van Millau maar nu mochten wij over de Pont de Normandie. Ook een hele belevenis!

Vandaag start in Amsterdam verreweg het leukste festival van deze zomer: het Pluk de Nacht Openlucht Filmfestival. Elke donderdag, vrijdag, zaterdag en zondag in de maand augustus zijn er op Het Stenen Hoofd gratis films te zien. Het zijn films die (nog) niet in de bioscoop zijn uitgebracht. Namen als Mike Figgis (Leaving Las Vegas) passeren de revue, maar ook totaal onbekende filmmakers zijn met kleine juweeltjes vertegenwoordigd. De films worden nog eens extra aantrekkelijk door de heerlijke hapjes en drankjes die op Het Stenen Hoofd verkrijgbaar zijn.
Film en feest!
Op www.plukdenacht.nl is het programma te vinden.
De affiches hangen inmiddels overal door de stad. Mijn bescheiden bijdrage aan het festival bestond uit het aanleveren van ??n van de teksten voor de affiches (klik).

Aangezien het dit jaar 60 jaar geleden is dat de geallieerden Europa bevrijdden en daarmee een begin maakten aan het einde van de oorlog, was Normandie in een roes van overwinning gedompeld. De nog in leven zijnde geallieerden werden 6 juni jongstleden uitgenodigd om de plek waar zij aan land kwamen nog eens te bezoeken, nu in rustiger vaarwater en zonder vijanden. De kustplaatsjes hadden de relikwie?n van die dag nog volop hangen (klik hier voor foto).
Het was mooi en gek om er rond te lopen. Natuurlijk ben ik opgegroeid met de oorlog, ook al werd ik 30 jaar na het einde ervan geboren. De oorlog kwam onaflatend terug in literatuur, in films, in de media, in persoonlijke verhalen van oudere mensen en in spreekbeurten van klasgenoten. 60 jaar is lang niet genoeg om te vergeten.
En nu stond ik op de plek waar zovelen zich zo onzelfzuchtig op de kust hadden gestort om mijn familie te bevrijden.
We bezochten twee begraafplaatsen: die in Rye (Gemenebest en Duitse slachtoffers) en die in Colleville sur Mer (VS).
De begraafplaats in Rye bezochten we 's avonds om een uur of acht. De zon scheen en maakte lange avondschaduwen op de graanvelden in de omgeving. We hadden moeite om de plek te vinden - hij stond nauwelijks aangegeven op de borden langs de weg. We vonden de bescheiden begraafplaats tussen bomen en velden met klaprozen in. Het was stil. In de verste verte was geen auto te horen. We waren helemaal alleen.
De grafstenen waren ieder gelijk maar de nabestaanden van de slachtoffers mochten destijds de teksten voor de stenen aanleveren. Ondanks de uniformiteit werden de stenen daardoor toch persoonlijk. Waarheden in prachtig Engels met schrijnende leeftijden eronder. Veel niet ouder dan 20 jaar. Bijna iedereen jonger dan ik. Alleen de Duitsers soms anoniem.

De dag erna bezochten we de begraafplaats in Colleville sur Mer, bekend uit - jawel - Saving Private Ryan. Al vanaf onze camping, zo'n 20 kilometer verderop in Bayeux, stond de begraafplaats aangegeven met een herkenbaar icoon. Eenmaal aangekomen zagen we tientallen touringcars en honderden auto's op de parkeerplaatsen staan. De parkeerplaats van de begraafplaats van de dag ervoor bood plaats aan twee auto's. Meteen werd ik allergisch voor de buitenproportionele aanpak van de Amerikanen.
Maar het park was prachtig. Veel groene velden met hoge bomen en mooi geplaveide paden. In immense marmeren zuilen werden de aanvalsroutes verbeeld (klik hier voor foto). Een werkelijk verschrikkelijk beeld in het midden moest de kracht van de mens en de overwinning uitbeelden (denk ik). We liepen langs de bekende witte kruizen, grote groepen Amerikanen in korte broek vermijdend. Indrukwekkende symmetrie. Ik bedankte in stilte alle gevallen en nietgevallen Amerikanen van toen en overdacht mijn huidige Amerika allergie.

Bij Pointe du Hoc was duidelijk nog te zien hoe er gevochten is. Ingestorte bunkers, enorme gaten in de grond. Nu speelden er kinderen door hard door de bomgaten te rennen, door zich te verstoppen in de bunkers en door geheimen gangen te ontdekken.

De eerste twee nachten van de vakantie verbleven we op camping Les Mouettes in Criel sur Mer, in de buurt van Dieppe en Le Tr?port. Een no nonsense camping zonder Michelinster en - hoe heerlijk rustig - zonder ANWB-vignet.
Wat is Normandi? eigenlijk dichtbij! We waren niet al te vroeg vertrokken en toch waren we ruim voor etenstijd ter plaatse.
Het uitzicht vanuit de tent was meesterlijk. De zon scheen, weliswaar lafjes, maar het was droog en een aangename temperatuur.

Zonder de motor uit te zetten stapte de Duitser uit en overlegde uitvoerig met zijn vrouw hoe ze de caravan het beste precies voor onze neus zouden kunnen neerzetten. Hierbij werd gedaan alsof wij lucht waren. Ze praatten hard - ze moesten immers boven het geluid van de ronkende motor uitkomen - en spraken in een naar Zuid-Duits accent. Na langdurig beraad stapte de man eindelijk de autokolos weer in en manoevreerde hij op de schreeuwende aanwijzingen van zijn Ehefrau de bakbeestcaravan op de door hem gewenste plek. Hij stapte uit, keek tevreden naar zijn creatie, ging zitten op het trapje van de caravan en opende een flesje Kronenbourg. Sehr gut.
Weg was ons uitzicht.
Enkele minuten later joehoede de echtgenoot van de Duitser naar beneden en wenkte zij iets wat wij niet toen nog niet konden zien. Een aantal seconden later hoorden en zagen wij een evenzo grote terreinwagen met een evenzo grote caravan als degene die net voor onze neus was gaan staan. Het ritueel herhaalde zich. Het bleek te passen.
Toen de andere caravan dan eindelijk parallel aan de eerste stond, knoopten zij hun luifels aan elkaar vast waardoor ze hun eigen vierkante meters hadden veilig gesteld. Hun feest kon beginnen.

De Fransen denken dat de legenden van Koning Arthur en zijn ridders zich hebben afgespeeld in het huidige Bretagne. De Franse minstrelen uit de Middeleeuwen bezongen hun heldendagen alsof zij zich in Petite Bretagne hadden afgespeeld, hun gelijken in Grande Bretagne plaatsten de daden daar. Tegenwoordig mogen beide landen een beetje doen alsof.
Aldus verkopen de Fransen in Bretagne Lancelotbier, de campings hebben namen als Le Roi Arthur en ze hebben een woud omgedoopt tot mystieke plek, waar het spiegelmeer van Viviane gelegen is en waar de deksele meid Merlijn voor altijd gevangen houdt. In dat woud, For?t de Paimpont, liepen wij een aantal dagen geleden rond, op zoek naar de bron voor de eeuwige jeugd, heilige eiken, elfjes en trollen, de vallei zonder terugkeer en de bron van Barenton (zie foto). (Wij zongen ook vele liedjes van Monty Python en riepen dat we een shrubbery nodig hadden, maar dat terzijde).

Dat was allemaal maar goed ook, want van de film moesten we het niet hebben. De rol van King Arthur werd gespeeld door een man die mij teveel aan Nicolas Cage deed denken en daarom al bij voorbaat niet geschikt was voor de rol van groot strateeg en held. Elke keer dat hij zijn ridders aanspoorde, dacht ik aan het drankprobleem van Cage in Leaving las Vegas. en vreesde ik dat hij dronken zou omvallen. Lancelot daarentegen kwam goed uit de verf! En ook de mannenhumor was bij tijd en wijle best grappig.
Maar verder: weinig zelfspot, een Guinevere die gebaseerd leek te zijn op Jeanne d'Arc in een raar tuigje en een mierzoet einde. Het is dat ik Lord of the Rings niet heb gezien, maar naar verluidt lijken de special effects van King Arthur op trucs uit het jaar nul (het jaar nul verwijst hier niet terug naar het vermeende geboortejaar van Christus maar gewoon naar 2000, zo snel gaat dat met die speciale effecten).
Niet gaan zien dus.
Bij deze roep ik u op om snel maar weer eens Monthy Python and the Holy Grail te gaan kijken.
Ni! Ni!