Koekje

Op het moment dat mijn kopje thee werd gebracht, stoof er een kleine jongeman naar mijn tafel. Eenmaal aangekomen klom hij op de stoel naast me.

"Jij hebt een lekker koekje", zei hij.
Hij draaide zijn hoofd een beetje schuin en zette zijn liefste blik op.

Ik keek naar het koekje.
Het was rond en er zaten halve pinda's op.

"Ja, dat klopt", zei ik.
"Heel lekker", zei hij.
"Mm, mm", zei ik.

Hij raakte een beetje ongeduldig. Met dit ge-mmmm van mij kwam hij niet verder.
Hij twijfelde even, maar deed het toen toch.
Hij stak zijn hand uit naar mijn koekje.

"Hela", zei ik.
Hij trok zijn hand terug.

Zijn mondhoeken gingen een beetje naar beneden. Hij keek alsof hij binnen een seconde uit zou kunnen barsten in een oorverdovend gebrul.
Ik keek om me heen. Zijn hoogzwangere moeder zat even verderop.

Ik dipte mijn theezakje enkele malen in het hete water en legde het zakje toen op het bijgeleverde schoteltje. Dat schoteltje kreeg je vroeger niet als je thee bestelde, dacht ik. Vroeger moest je heel moeilijk doen met het zakje en je lepeltje. Draaien en uitpersen. Herinneringen van bittere, zwarte thee kwamen boven. Die dikke Pickwick zakjes die eigenlijk voor een hele pot bedoeld waren. Jak. Wat een vooruitgang, bedacht ik me, hebben ze in de thee-industrie geboekt.

Toen ik klaar was met peinzen was het jongetje weg.
Mijn koekje ook.

Derde Paasdag Raadsel

wat doen jullie daar

Wat doen deze mannetjes?
Tada, het antwoord is:
jaja

Paasvuren

Ook ik rook een brandlucht vannacht en ook ik kon niet ontdekken waar die vandaan kwam. Ik had wel allemaal dromen over barbecuen en kampvuren.
Nu blijkt het meest onwaarschijnlijke: dat de brandlucht uit Duitsland komt!
1 april is toch pas vrijdag, zou je denken.

Ronja en Maus

Ronja kan heel hard spinnen. Als ik 's ochtends beneden kom, ligt ze op haar rug op het kleed, haar pootjes de lucht in. Klaar om Heel Erg Geaaid te worden. Ze kijkt me lui en begerig aan. Ze piept een beetje van spanning als ik met mijn uitgestoken hand naar haar toe kom. Ze miauwt als ze te weinig aandacht krijgt. Mie, mie, gaat dat. Ze kijkt me met haar gele ogen aan die ze zachtjes dichtknijpt als ik terugmie. Ze houdt ervan opgetild te worden en op mijn schouder met me mee te lopen, luid spinnend, haar nageltjes zachtjes stampend in mijn vel. Ik kan haar omhoog gooien en haar weer opvangen, het spinnen wordt alleen maar luider. Ze gaat waar ik ga. Als ik tv kijk, ligt ze bij me. Als ik in bad lig, ligt zij op de mat. Als ik in de keuken ben, ligt ze in de deuropening. Als ik aan het werk ben, ligt ze op mijn muis of op mijn schoot. Ze zal niet snel heel hard rennen. Ze is lui en heeft een aanleg om dik te worden. Bezoek vindt ze eng. Als de bel gaat, rent ze naar boven en verstopt ze zich in de klerenkast om er vervolgens heel lang niet meer uit te komen. Eenmaal gewend aan de indringers gedraagt ze zich net zo sletterig als bij mij, ligt ze op haar rug te rollen en roept ze aai me aai me aai me. Ze is zacht en lief.

Maus is ondernemend. Ze gaat op onderzoek uit, ontdekt steeds nog nieuwe plekjes in het huis. Weet inmiddels hoe ze ook op de hoogste kast kan komen. Ze houdt ervan om op de vuilnisbak te zitten en te kijken naar wat ik doe. Ze miauwt nooit. Komt incidenteel op schoot, alleen als ze er zin in heeft. Kan wel als de beste spinnen en kopjes geven. Heel hard rennen door het huis, achter propjes aan, achter muisjes. Achter zichzelf. Die vermaakt zich wel. Komt met speeltjes in haar bek naar me toe die ik weg moet gooien zodat zij ze weer kan brengen. Komt bijna nooit als ik haar roep. Trekt zich soms terug op plekken die ik niet kan vinden. Ze ligt graag op de bovenste trede van de trap, overzicht te houden op alles wat er gebeurt. Ze is mooi, atletisch gebouwd, een gezonde vacht, een prachtige manier van lopen. Ze is niet bang aangelegd, wel zelfbewust afstandelijk. Maus is cool. Ze houdt er niet van opgetild te worden, wil liever zelf beslissen wat ze doet. Ligt graag in de wasbak. Kan op een geweldige manier met haar kop schurken. Ze is zelfstandig en stoer.

Als bazen op honden lijken, dan lijken bazen vast ook op katten.
Ronja. Ik lijk op Ronja.
Vanaf nu ga ik Maus uitproberen.

R

Waarom was het ook alweer 'burgemeester' en niet 'burgermeester'?

Brand

Enigszins beneveld van de twee ros? na werktijd in de ijverige lentezon voelde ik eerst de verzengende hitte.
Toen pas zag ik de brand. Grote, zwarte rookpluimen werkten zichzelf naar boven.
Daarna zag ik de auto.
Bij het stoplicht, hoek Stadhouderskade/Van Wou.
In de fik.
Een gele vlammenzee ontsteeg met grote snelheid aan wat eerder een auto was geweest. Het holle karkas was een afgrijselijk gezicht.

Toen hoorde ik de sirenes. Ik fietste door, weg van dit horrorspektakel. Ik zag de brandweer komen, de politie, een sleepwagen.
Ik durfde niet naar de auto te kijken.
De gedachte aan wat er zich net had afgespeeld maakte me misselijk.
Dat wat ik een minuut later zag ook.

Maus: Don't Mess With Me

yo hadjewat

Printemps

Een meisje zat in haar open raam op drie hoog in haar onderbroek en bh. Ze deed haar ogen dicht en ving de eerste zonnenstralen op. 'Dat vind ik nou wat overdreven', zei het meisje dat in winterjas en met sjaal om haar nek op het terras zat. Ze was even ervoor op haar handen gaan zitten omdat ze koud waren geworden.

De pui van het etablissement stond open. Er wandelde een duif naar binnen. Twee meisjes aan de bar, die toch al voor mietje werden uitgemaakt omdat ze binnen gingen zitten in plaats van buiten, gilden en doken weg toen de duif in hun haar een lekker nestje zag. Een man stond op en probeerde de duif heldhaftig en mannelijk te verwijderen. Vlieg dan, vlieg dan, zei hij, waarop de duif tegen het glas aanvloog en van schrik even naar beneden tuimelde. Een paar minuten later vloog de duif wat aangeslagen naar buiten, ons hoofd over, de stad in.

'Oooh, wat is het fijn weer', zei de serveerster, 'wat erg dat ik moet werken'.
Ze zakte een beetje door haar benen, haalde nog eens diep adem en nam de volgende bestelling op.

Lente.
Een groot goed.

Get the Picture (het antwoord)

Nee, onderstaande foto was niet, zoals Bicat Kiers in de reacties opperde, een maagdenvlies.
Ik was koffie aan het zetten, melk in een pannetje, toen ik ineens dacht aan de kapotte douche waarvoor ik net bij de ijzerhandel een ringetje had gehaald. Aangezien ik de douche al eerder gedemonteerd had, was dat zo te doen. Ik liep naar de badkamer. Daar trof ik alle onderdelen van de douche, die ik zo netjes bij elkaar had gelegd, in totale wanorde aan.

Ooh! Ronja en Maus!, riep ik bestraffend. Gelukkig waren de onderdelen te groot om door het afvoerputje te vallen. Ik raapte alles op, legde het ringetje in de verbinding en draaide alles weer aan elkaar. Even testen of ie het weer deed. Ja. Tevreden verliet ik de badkamer.

Toen zag ik dat de zon op een heel mooie manier naar binnen scheen. De lente! Ik pakte mijn digitale camera en drukte af. NO CF card, zei de camera tegen mij. Ohja, geheugenkaartje zat nog in de card reader. Ik liep naar mijn computer, haalde de geheugenkaart uit de card reader, rook toen denk ik al onraad maar blijkbaar niet heftig genoeg. Ik maakte een aantal foto's van het mooie zonlicht maar ze lukten niet en de zon verdween weer achter het wolkendek.

Toen rook ik het pas.
Ik rende naar de keuken.
Die stond vol met rook.
Ik zette het gas uit. Het pannetje was geen pannetje meer. Ik pakte de lepel die nog in het pannetje lag en waar het laatste beetje melk zich tot een soort dun flensje aan had opgekruld.
Ik vloekte, want de lepel was natuurlijk on-ge-loof-lijk heet.
Ik gooide de lepel op mijn broodplank.

(en Anneke gaf nog het goede antwoord ook!)

Get the Picture

Tekst of Melodie

Vind jij muziek mooi omdat de melodie je aanstaat of omdat de tekst je raakt?, was de vraag.
De tekst, antwoordde ik zonder na te denken.
En de melodie, zei ik even erna.

Hoewel ik me afvraag of de twee losgekoppeld kunnen worden (nee, want dan zou ik vaker naar gedichten luisteren), is het wel een interessante vraag.
Vooral nu ik de laatste tijd veel luister naar een CD van de Zweedse Lisa Ekdahl die ik bijna twee jaar geleden in Noorwegen kocht op advies van een lezer.

Ik versta er helemaal niets van!!
Benen I Kors, ah jag vill inta stressa dig, och jag vill inta pressa dig.
En ik word er lente-achtig vrolijk van.

Ha Ha Ha Tjoe

Schrijf je in bijna vier jaar tijd ongeveer 2000 stukjes, kom je in de krant met dit.
Haha!

Voor de duidelijkheid: ik heb niets afwijkends met niezen, het gaat hier over.
(met dank aan Gaafy voor het scannen)

Informatie Beheer Groep

Grumbel.
Ooit schreef ik een stukje over de Belastingdienst. Mijn broer vulde lang geleden (2000/2001/2002) mijn sofinummer in op zijn werkbriefje en sindsdien zit ik eens in de zoveel maanden weer met een probleem. Het is echt om GEK van te worden. Ik heb helemaal nooit iets fout gedaan! Mij treft geen blaam! Maar ik moet wel alle rotzooi opruimen. Bovendien word ik door allerlei instanties beticht van zwendel, fraude, oplichterij.

Het is opmerkelijk hoeveel instanties je nog jaren na dato achter de broek aanzitten.
Nog opmerkelijker echter is dat ik, aangezien het een periode van 2,5 jaar betreft dat mijn sofinummer bij de verkeerde werkgever stond, elk jaar opnieuw door alle administratieve shit heen moet. En dat de regels elk jaar blijkbaar veranderen. Dus dat ik niets heb aan mijn eerdere afschriten, kopie?n, formulieren.
Je zou denken dat ze twee jaar geleden de fout hebben ontdekt en dat ze vervolgens zelf al zijn gaan nadenken.
NEEN! Zelf nadenken is niet voor bureaucratische instanties weggelegd!

Nu ben ik in dialoog met de Informatie Beheer Groep. Een schriftelijke dialoog, welteverstaan, want sinds ik ben afgestudeerd in 2000 is er aan de bereikbaarheid helemaal niets veranderd. Vele uren en vele euro's heb ik gespendeerd aan het bereiken van de Studiefinancieringmaatschappij. Om het vervolgens op te geven, want alle pogingen waren tevergeefs. Ik heb al die keren de IBG niet ??n keer kunnen bereiken.

Dus ging ik corresponderen. Schrijven. Brieven waarin ik met overgave alle emoties die mij parten spelen, stopte: de waanzin na de onbereikbaarheid, de woede over de algehele stupiditeit, de irritatie over de toon van de brief alsof ik een crimineel ben, de krankzinnigheid over het jaarlijks terugkerende proces en de haat dat kopie?n niet genoeg zijn.

Zojuist ontving ik een brief. Gedateerd 1 maart. Het heeft gesneeuwd, dat klopt, maar hoe is het in godsnaam mogelijk dat die brief er 10 dagen over doet!?
De informatie die ik had meegestuurd (een boekwerk a 4x 0.39 euro) was niet voldoende. Of ik bijgaand formulier mee kon sturen, ingevuld door de Belastingdienst zelf.
En dat binnen drie weken. Waarvan er door de mysterieuze vertraging al anderhalf voorbij zijn.

Hahahahaha!, ging ik.
Het is een grap!, dacht ik. Ik zocht mijn huis af naar verborgen camera's.
Niets van dat.
Toen las ik de brief nogmaals. Het stond er echt. Ik moest dit formulier opsturen naar de Belastingdienst en het formulier terugkrijgen en het vervolgens weer op tijd bij de stufi-mensen terecht laten komen.
Ik lachte niet meer.
Toen viel mijn oog op een direct telefoonnummer van de mevrouw die mij deze hero?sche opdracht had gegeven.
Ik kon bellen!

De mevrouw was een strenge opdrachtgever.
Dan gaat u toch gewoon even langs bij de Belastingdienst?, zei ze.
Langs? Langs?, zei ik. Ik heb geen tijd om langs te gaan! Bovendien, dat kan vast niet. Dan kom ik op een wachtlijst met een nummertje en dan hebben ze de gegevens niet want die liggen topsecret in een bunker op een geheime plek ergens op de Veluwe en die bunker is alleen toegankelijk als je zes pasjes hebt en raadsels kunt oplossen die je gegeven worden door een wijze, oude man met een baard en een jurk en dan blijkt het nog steeds een kopie te zijn!

Aaaaaargh!!!!!!!!!
Misschien toch maar die boete betalen van 600 euro.

Op de Fiets (70)

Precies op het moment dat ik op het hoogste punt van de brug was, werd er geapplaudisseerd. Een heerlijk geluid. Klappende mensen, een joelende menigte.
Ik hield mijn trappers even in om er extra lang van te kunnen genieten. Ik keek vanaf het hoogste punt in de omgeving neer op de rest. Het applaus zwol aan.
Een machtig moment. Even was ik 'on top of the world'.

Het applaus veranderde van een oorverdovend, niet op elkaar afgestemd geluid tot een synchroon klappende cadans. Ik merkte dat ik de menigte bedankte. Al dat applaus... Ik gebaarde richting mijn publiek dat ze ook voor zichzelf mochten klappen. Lachende gezichten. Blijdschap.

Er werd gescandeerd. Eerst door een paar mensen, maar al snel door de hele groep. 'We want more! We want more!' riepen ze tegelijkertijd tegen mij. Ik suisde de brug af. Lekker hard. De zwaartekracht deed zijn werk goed. Ik liet de trappers los. Mijn maag maakte een klein sprongetje door het hoogteverschil.
Langzaam stierf het applaus weg.

Mijn iPod koos het volgende nummer uit.

Omhelzing

Op het perron stonden een jongen en meisje, stevig in omhelzing. De wind waaide de sneeuw van de bomen tot onder de afkapping.
Ik nestelde mezelf ook nog maar eens dieper in mijn jas, jaloers kijkend naar het stel dat elkaars warmte kon gebruiken.

Toen pas zag ik dat de omhelzing niet zo gelukkig was. Het meisje had rode ogen en keek verdrietig.
De jongen veegde een traan van haar wang en kuste haar op haar voorhoofd. Lief. Wat een fijn, lief stel. Was ik maar...

Op dat moment ontworstelde het meisje zich aan de omhelzing.
'Hou op', riep ze en ze duwde hem, 'jij bent de oorzaak van al deze ellende!'.
Ze liep weg. Radeloos, met driftige, ongecontroleerde passen.
De jongen keek schuldig en liet zijn schouders hangen.

Ik kon een lichte zelfgenoegzaamheid niet onderdrukken.

Ziekenhuis

Mijn banden baanden zich een weg door het sneeuwtapijt. Soms trefzeker, rechtuit, zonder problemen. Maar soms stuurloos, glibberend, glijdend. Af en toe stapte ik af.
Ik moest mijn ogen tot spleetjes knijpen om geen vlokken in mijn oog te krijgen.

Bij het ziekenhuis reed ik via de taxistandplaats naar de ingang. De ronkende motoren en warme, stinkende uitlaten van de taxi's hadden de sneeuw daar veranderd in een blubberige, bruine massa. Hier kon ik delen wegdek zien, een opluchting voor mijn wielen.

Een oude man met een rollator werd door een chauffeur uit een taxi geholpen. De chauffeur gaf hem aan waar onder de sneeuw de stoep begon en tilde zijn rek op dat punt omhoog. Ik stapte af en liep verder over de stoep, het laatste stukje naar de ingang.

Voor het ziekenhuis, onder een afdakje, bleef ik wachten. Het Oosterpark aan de overkant lag er sprookjesachtig bij. Een moeder was bezig het touw van een slee uit de knoop te halen. Het kind stond geduldig naast haar te wachten, muts op, wanten aan, grote ogen richting het park waar nog veel meer leeftijdgenootjes aan het spelen waren. Het sneeuwde nog steeds.
Een mevrouw werd geraakt door een sneeuwbal. Ze gooide een sneeuwbal terug, die tegen een boom aankwam. De sneeuw op de takken spatte op.

Er kwam een man met een verbonden wijsvinger uit de draaideur van het ziekenhuis. Hij hield de vinger permanent omhoog alsof hij iets wilde vragen. Een vrouw in een rolstoel met een verbonden oog werd door haar man voortgeduwd. Een meisje kwam met twee vrienden wankelend naar buiten. 'Ik ben er nog helemaal stoned van', riep ze giechelend.

Toen zag ik de oude man met zijn rollator weer. Hij had de 50 meter stoep tussen taxistandplaats en de ingang in tien minuten afgelegd. Een vrouw ontfermde zich over hem. Hij hield zijn rollator zo stevig vast dat de knokkels van zijn hand wit werden. De man schuifelde voort, stapje voor stapje, trillend, gefocust op de draaideur van de ingang.
In het bakje van zijn rollator lag een envelop van het ziekenhuis waaraan zijn ponskaart vastzat met een paperclip. De envelop was doorweekt en gedeeltelijk bedekt onder een laagje sneeuw.

Het was zo stil. De sneeuw dempte zelfs het geluid van de joelende kinderen in het park.

Een uurtje later zou ik door datzelfde park lopen, samen met mijn lieve, dappere vriendinnetje Swaan.
De mensen in het ziekenhuis herkennen me al, zei ze.
Da's niet goed he, zei ze er lachend achteraan.

Vooruit nog eentje, fijn cheesy

het is groen!

Ik wil ook sneeuwplaatjes op mijn log!

Berlijn, hier kom ik alweer!

Zo. Dat ging snel.
Ik heb zojuist geheel impulsief een retourvliegticket naar Berlijn geboekt voor ongeveer nul geld.
Een vriendin smste: alleen vandaag, actie bij Transavia, alleen voor Rotterdam-Berlijn. Doe nu.
Dus ik deed. Zo ben ik dan ook wel weer.
hoeveel?



Hemel.
Ik denk dat ik heel blij moet zijn maar ik ben normaal gesproken een door controle gestuurde non-impulsieve angsthaas.
En nu ga ik ook nog gewoon alleen!
Haha!
Goed man.
Eens kijken of ik dit over vier weken ook nog vind... :-)