---
title: "Verstand kwijt"
date: 2002-04-03
author: "Merel Roze"
featured_image: "https://www.merelroze.com/wp-content/uploads/2024/06/boids-1.png"
categories:
  - name: "Geen categorie"
    url: "/category/geen-categorie.md"
---

# Verstand kwijt

Vanavond moest ik naar de tandarts, omdat ik twee weken geleden een deel van mijn kies had doorgeslikt. Hoe dat ook alweer ging, kunt u in alle rust[ hier](https://www.merelroze.com/2002/03/22/belangrijk-nieuws-over-het-gebit-van-merel/) nalezen.

Het meisje dat net de deur uitkwam van de tandartsenpraktijk toen ik eraan kwam, keek gans niet blij.  
Ik slikte.  
Hier had ik over gedroomd vannacht.

De tandarts bekeek het gat in mijn kies. De tandarts bekeek de rest van mijn kiezen. De tandarts pakte een ding met een haakje en friemelde even aan mijn gebit. De tandarts kwam tot de conclusie dat hij de kies even moest uitboren, invullen, bijplakken, dichtmaken, afschuren.  
Oh, dacht ik, dat valt mee!  
In mijn droom moest de kies worden getrokken en leed ik helse pijnen achteraf.

Ik voelde mijn verzenuwde lichaam langzaam ontspannen en kreeg nu pas in de gaten hoe erg ik er tegenop had gezien. Boren en vullen, dat ken ik wel. De tandarts stelde zelfs voor het onder verdoving te doen, ha, ja, doe maar – dus geen vuiltje aan de lucht.

‘Wacht eens even’, zei de tandarts toen hij met een ander dingetje in mijn mond had zitten poeren. ‘Je verstandkies zit dwars. Eigenlijk zou ik die meteen ook moeten trekken. Schikt dat nu?’

Er zijn dingen waarvan je je hele leven weet dat ze moeten gebeuren, dat ze ooit ook zullen gebeuren, maar waarvan je altijd hoopt dat ze pas gebeuren als je later groot bent. Blijkbaar ben ik nu later groot.  
Terwijl ik mijn hals rood van spanning voelde worden, was ik even heel dapper, en zei ik dat hij nu dan maar meteen die kies moest trekken ook.

Maar hij zou eerst uitboren, invullen, bijplakken, dichtmaken, afschuren. Dit zei hij met een zeer geruststellende blik in zijn ogen, maar het kwam erop neer dat ik nog tien minuten de tijd had om mij heel erg zenuwachtig te maken voor het kiestrekgebeuren. Ik voelde de stoel onder mij warm worden. Ik keek in het felle licht van de lamp waarop de merknaam Kavolux stond. Kavolux. Xulovak. Vol. Vul. Lak. Vak. Luv. Vuk. Vuk, ja.

Alle schrikverhalen die ik ooit had gehoord, passeerden één voor één de revue. Ik had me het verstandskiestrekken altijd voorgesteld als een angstaanjagende scène uit een sciencefictionfilm. Felle lampen, grote boormachines met indrukwekkende zagende objecten, mannen met groene pakken en een masker voor hun mond, intens gesteriliseerde naalden, en bloed, heel veel bloed. En heel veel lawaai, vooral veel lawaai van scheurende kaken, van schgnerpende messen, van uit elkaar getrokken wortels. Ik vroeg me af of de tandarts die kies zomaar hier kon trekken, hoeveel uur dat zou duren, en of zijn assistente niet alvast die indrukwekkende apparaten ergens zou moeten ophalen (in het ziekenhuis, bijvoorbeeld).

Hel.

Ik had moeten eten van tevoren. Ik voelde mijn lichaam zwak worden onder de intense dreiging van groot gevaar. Mijn benen zwabberden, hoewel ze op de stoel lagen te rusten. Mijn maag vroeg om aandacht. Het werd licht in mijn hoofd. Ik wil dit niet ik wil dit niet ik wil dit niet. Even overwoog ik terug te krabbelen. Mijn ogen dicht. Nee, mijn ogen open. Wat is beter? Mijn ogen half open. Ergens anders aan denken. Mijn ogen dicht. Ik wil weg. Ver weg. En dan op vakantie. Warm. Zee…

‘Zo’, zei de tandarts. ‘Hier is hij dan’. Huh? In zijn hand aan een tang een kies. Met wortels. En een beetje bloed. Van mij. Hij stopte een prop gaas in mijn mond. Ik moest zachtjes dichtbijten. Ik stond op van de stoel. Langzaamaan, om mijn evenwicht niet te verliezen. Wiep, beetje duizelig.

‘Het was niet zo’n grote’, zei hij.  
‘Echt wel’, zei ik.  
‘Nee hoor’, zei hij, ‘ik heb ze veel groter gezien’.  
Tsk.  
Alsof ik een mietje ben zeker. Hij deed de kies met de wortels en het beetje bloed voor mij in een doosje. Ik vroeg wat ik dan met dat doosje moest doen.  
‘Zorgvuldig bewaren’, sprak hij vaderlijk. Ik vroeg of hij ook nog van die plastic beestjes had die ik vroeger altijd kreeg. Die had hij niet meer. Balen.

Nu zeg ik dat het trekken van een verstandskies echt een peulenschil is. Dat het hetgene is waar je het minst tegen op hoeft te zien van alles waar je je hele leven tegen op ziet.  
Maar. De verdoving is nog niet uitgewerkt. Als ik lach, dan gaat alleen de ene kant van mijn mond omhoog. De andere kant blijft koppig achter.

Dat is geen gezicht. Maar ik vrees dat ik nu meer lach dan ik lachen zal als die verdoving is uitgewerkt.