Zo. Dat was het dan.
Ik ben thuis.
Fijn.
Mijn tenen zijn ergens vanmiddag door mijn sokken (eerder deze week gekocht) naar buiten gekomen. Sindsdien hebben ze een steeds groter gat gemaakt in de stof, maar niet ver genoeg om zich niet af te laten knellen. Ze zijn nu paars van het bloed, zwart van viesheid, en blank van mijn huidskleur.
Mijn sleutelbos is gehalveerd. Alle sleutels die ik in de afgelopen maanden verzameld had, heb ik teruggegeven aan de rechtmatige eigenaars.
De nachttrein deed er meer dan een half uur langer over omdat er ‘vandalistische reizigers’ aan boord waren die de trein niet wensten te verlaten (logisch, anders ben je ook geen echte vandalist) en de politie niet zo snel ter plaatse was. De meeste mensen keken van deze opmerking niet vreemd op en sliepen verder, maar sommigen klaagden dat ze te laat zouden komen op hun werk.
Werk? Ha! Ik heb morgen vrij!
En tegelijkertijd: help, een heel groot gat kijkt me recht in het gezicht.
Reacties
3 reacties op “Thuis”
Don’t worry: dat gat hoort erbij, na zo’n groot indrukwekkend, allesoverheersend project. Iets van heimwee waarschijnlijk ook. En heel veel moeheid.
Maar dat gaat ook weer over. Echt waar. Grote kans dat je na dat gat en de schijnbare leegte juist ineens bordevol inspiratie en energie zit. Dingen die uitputten kunnen tegelijk ook nog wel eens zeer voedend werken, namelijk..
Ik wilde het zelfde zeggen, en denk eens aan al die dingen die je in de afgelopen weken niet kon door te weinig tijd. Die kun je nu lekker wel gaan doen!
Merel, ik heb ook vaak een gat in mijn sok! Heb jij vaker gaten in je sokken???